| |
| Over ons |
Contact |
| Onze gidsen |
Link naar ons |
| Plan van Rethymnon |
Geschiedenis |
| Nieuws en evenementen |
Nuttige links |
| Openbaar vervoer en taxi’s |
|
| Het uitgaansleven |
| Winkelen |
| Kunst en ambachten |
| Hotels |
| Reisbureaus |
| Autoverhuurbedrijven |
| Foto’s |
 |
|
| Geschiedenis |
De geschiedenis van Rethymnon |
Het oude Rethymnon |
Rethymnon tijdens het Byzantijnse tijdperk en de Venetiaanse bezetting periode. |
Het verval in 1571 en de Kretenzische Renaissance |
De belegering van Rethymnon |
Van de Turkse bezetter tot de onafhankelijkheid |
Onafhankelijkheid – Vereniging met Griekenland - Moderne Tijden |
|
De geschiedenis van Rethymnon
Er bestaan bewijzen dat er menselijk leven was op Kreta sinds de Neolotische periode of het Stenen Tijdperk (6000-2600 VC) door de archeologische vondsten die men deed in de Ideon Andron grot op de Psiloritis Berg, de grot van Gerani ten westen van Rethymnon en de Elenon grot in het Amari district. Meer archeologische vondsten stammen uit het Minoïsche tijdperk (2600-1100 VC) doordat het leven beter georganiseerd werd en er meer mensen zich begonnen te huisvesten in grotten en eenvoudige woningen. Vondsten van deze periode deed men in de ganse provincie Rethymnon en ze vormen een bewijs voor de verschillende stadia van deze Minoïsche beschaving. Uit de vroege Minoïsche beschavingsperiode deed men vondsten in de omgeving van Mylopotamos, nl. in de grotten van Sentoni in Zoniana, Pyrgi en Eleftherna. In Rethymnon zijn de sites van Chamalevri en Apodoulou in Amari levende bewijzen van deze periode. De tussenperiode (2000-1600 VC) liet zijn sporen na in de paleizen van Monastiraki in het Amari district, de nederzettingen van Pera Gallinous in Mylopotamos, Stavromenos en de grotten van Melidoni en Patsos in de provincie Rethymnon. Van de laat Minoïsche periode (1600-1100 VC) dateert de begraafplaats in Armeni, de nederzetting van Zominthos in Anoghia en het bedehuis in Fantaxospilliara in het dorp Prinos.
Tijdens de Geometrische en Dedalos periode (1100-620 VC) floreerden belangrijke steden zoals ondermeer Eleftherna en Axos (Oaxos) in het Mylopotamos gebied terwijl er ook reeds nederzettingen bestonden op de Vrysina Berg en het Onythe Plateau.
Voortdurende vooruitgang van deze regio’s werd ook waargenomen tijdens de antieke tijd (620-500 VC) toen er werken van grote artistieke waarde werden gemaakt.
Volgens de laatste recente getuigenissen, zou de oude stad Rithymna sterk gefloreerd hebben tijdens de klassieke (500-330 VC) en hellenistische (330-67 VC) periode. Ze bevond zich op de plaats waar vandaag de moderne stad Rethymnon zich bevindt. Gelijktijdig zouden andere grote steden van de provincie zoals oa. Eleftherna, Axos, Lappa en Sivrytos voorbestaan hebben tijdens de Hellenistische en de Grieks-Romeinse periode (67 VC – 323 NC). Tijdens de eerste Byzantijnse periode (330-824) toen de hoofdstad van het Romeinse Rijk zich verplaatst had naar Byzantium en Constantinopel opgericht werd. (330), werd Kreta een deel van het Oostelijke Romeinse Rijk, als afzonderlijk district, met als gouverneur een Byzantijnse generaal.
Voortaan zou het christendom zich uitbreiden op het eiland en in de 8st eeuw zou het Kretenzische episcopaat deel gaan uitmaken van het Patriarchaat van Constantinopel. Tijdens de vroege Christelijke en eerste Byzantijnse periode werden talrijke tempels gebouwd, die later teruggevonden werden door archeologen. Vanaf 824 tot 961 werd het eiland bestuurd door de Arabieren, niettegenstaande hiervan weinig bewijzen gevonden werden in Rethymnon, met uitzondering van enkele munten uit het dorpje Giannoudi. Tijdens de tweede Byzantijnse periode (961-1210) werden voor de eerste maal versterkingswerken uitgevoerd aan de stad Rethymnon, zo zal later blijken.
De val van het Byzantijnse rijk leidde voor Kreta echter niet tot zelfstandigheid.
Vanaf 1211 begint de lange en overheersende Venetiaanse bezettingsperiode waarvan duidelijke sporen terug te vinden in de buurt van de stad Rethymnon.
|
Het oude Rethymnon
Potscherven uit het Neolithische tijdperk die gevonden werden tijdens de opgravingen op de rotsachtige bergheuvel van Palaiokastro , verraden het bestaan van mensenleven tijdens deze periode. De aanwezigheid van een nederzetting hier tijdens de laat Minoïsche periode is ontwijfelbaar. Dit bewijs werd geleverd door de vondst van een gebeitelde graftombe, volledig met geschenken voor de teraardebestelling, in de regio van Mastabas daterend uit het laat Minoïsche tijdperk. (LM III = 1350-1250 VC). Weliswaar het meest overtuigende en opmerkelijke bewijs van de oude stad Rethymnon , of Rithymna, leveren de opschriften en munten uit de 4de en 3de eeuw VC; laatstgenoemde met afbeeldingen van Apollo en Athena aan de ene zijde en zeesymbolen zoals 2 dolfijnen of een drietand aan de andere zijde.
Ook de schrijvers uit de 2de, 3de en 4de eeuw leveren ons waardevolle informatie over de stad Rethymnon. Plinios (1st eeuw) , Claudius Ptolemaeus (2de eeuw) omschrijven de ligging van de stad tussen Panormos & Georgioupolis , terwijl Claudius Aelianos (3de eeuw) de eerste was die het bestaan van de tempel van Rokkaia Artemis vermelde. De sculpturen die men terugvond op de rotsen van de Palaiokastro heuvel leveren het bewijs van de aanwezigheid van een heiligdom op deze heuvel. Verder is men ervan overtuigd dat een gedeelte van de bouwwerken en gebouwen van waaruit het heiligdom bestond verwoest werden tijdens de bouw van het Venetiaanse fort.
De Venetianen noemden de heuvel “Palaiokastro” (oud fort) hetgeen bewijst dat er overblijfselen waren van een vroegere versterkte bastion. Over de exacte ligging van het oude Rithymna kan men geen uitsluitsel geven. Als we ons baseren op de weinige getuigenissen die we hebben uit de geschriften van de Venetianen en dit in combinatie met de archeologische vondsten in de buurt van de Arkadiou Straat en het douane huis dan kunnen we ervan uitgaan dat tijdens de Hellenistische en Romeinse periode Rethymnon zich op dezelfde plaats bevond als vandaag de dag. Waarschijnlijk is dit ook van toepassing voor de nederzetting van het oude Rithymna , waarvan we de naam tot op heden levend houden. |
Rethymnon tijdens het Byzantijnse tijdperk en de Venetiaanse bezetting periode.
Er bestaat weinig informatie over de stad Rethymnon tijdens de eerste Byzantijnse periode (325-824) en de bezettingsperiode door de Arabieren (824-961).
De bevrijding van Kreta door Nikiforos Fokas in 961 , word gevolgd door de reïntegratie in het Byzantijnse Rijk en daarmee neemt ook de tweede Byzantijnse periode een aanvang, een periode die zal duren tot de aankomst van de Venetianen op het eiland in 1204.
De Venetianen trokken een muur op rond alle gebouwen en zo ontstond de eerste versterkte nederzetting, het zogenaamde “Castrum Rethemi” later door de Venetianen Castel Vecchio genoemd. Officieel begint de Venetiaanse bezettingsperiode in 1204, bij de overdracht van Kreta aan Bonifatius van Montferrato die het eiland later overgaf aan de Venetianen. In 1206 dringt echter de Genuaanse piraat Enrico Pescatore het eiland binnen en hij houdt het eiland in zijn macht tot het einde van het jaar 1210 waarna het terug in handen komt van de Venetianen.
De Kretenzers verzetten zich tegen hun veroveraars en een reeks van revoluties breken los tussen 1211 en 1367. Niettegenstaande het heftige verzet van de Kretenzers slagen de Venetianen erin om een aantal administratieve wijzigingen door te voeren. Eerst wordt het eiland opgedeeld in 6 en later tijdens de 6de eeuw in 4 districten met de
hoofdsteden Chania, Rethymnon, Chandakas en Sitia. De hertog (Duca) die zetelde in Chandakas had het soevereine recht over het ganse eiland. Rectoren (Rettore) onder leiding van 2 raadslieden (Consiglieri) hadden het administrative bestuur van de districten Chania, Rethymnon en Sitia.
|
Het verval in 1571 en de Kretenzische Renaissance
Na de val van Constantinopel in 1453 begon de positie van de Venetianen zich in het Oosten te verzwakken. Aanvang 1537/38 had men de architect Michele Sanmicheli opgedragen versterkingswerken uit te voeren in de stad Rethymnon. Zijn opdracht behelsde ondermeer het bouwen van de stadsmuren waarmee hij begon in 1540 en hij voltooide de werken in 1570. Chaireddin Barbarossa plunderde het dorp Apokorona, de omliggende dorpjes van Chania en de steden Rethymnon en Sitia. Een aanval van de piraat Ulutz-Ali op 7 juli 1571 vernielde de stad Rethymnon. De Turken vonden een uitgestorven stad, die zij op hun buurt plunderden en in brand staken. De meeste huizen werden platgebrand, evenals de muren van het Castel Vecchio en de landmuur die net voltooid was. Als gevolg van deze vernielingen werd besloten om een fort te bouwen op de heuvel van Palaiokastro, waarvan de muren ook de huizen in de stad moesten beschermen. De werken eindigden in 1573 onder leiding van de rector Alvise Lando. De architect Sforza Pallavicini tekende de oorspronkelijke plannen, terwijl de
burgerlijk ingenieur Gian Paolo Ferrari het toezicht over de werken uitvoerde.
Nadat het fort voltooid was realiseerde men zich dat de ruimte binnenin te klein was om alle gebouwen in onder te brengen. Er werd besloten om enkel de Venetiaanse administratieve diensten, het Latijns episcopaat en de militaire diensten onder te brengen in het fort en het te laten fungeren als een opvangoord voor de inwoners in geval van nood.
Na enkele jaren, nadat het fort voltooid was, de zogenaamde Fortezza hadden de Venetianen een machtspositie verworven op het eiland. Aldus, tegen het einde van de 16de eeuw verwerft de stad de typische kenmerken van de Renaissance volgens Venetiaans model. Dit hield in dat er luxueuze openbare en privé herenhuizen gebouwd werden terwijl er tegelijkertijd een centraal plein (piazza) word aangelegd zoals in Venetië, een clubhuis voor de edellieden (Loggia), fonteinen zoals de Rimondi fontein, een grote zonnewijzer, een hoofdstraat en kleinere zijstraatjes die naar tempels leiden, kloosters, herenhuizen en eenvoudige woningen.
Deze prachtige gebouwen worden versierd met een verscheidenheid aan deursiersels, sommige eenvoudig en andere rijkelijk gedecoreerd. Tot vandaag de dag zijn er vele deurstijlen bewaard gebleven en die leveren het bewijs van deze schitterende periode uit de geschiedenis van de stad Rethymnon.
Tijdens deze Renaissance sfeer waarin het Griekse element duidelijk oversteeg, was de versmelting van deze twee beschavingen een feit met een duidelijke invloed zowel op intellectueel als op artistiek gebied
De geletterden zoals Markos Mousouros, Zacharias Kallergis en de broers Vergikios stonden hoog aangeschreven in Europa, terwijl G. Hortazi, Troilis en Marinos Tzane Bounialis, de Kretenzische oorlogsdichter, hun steentje bijdroegen aan de bloeiende periode van de Kretenzische literatuur. Ze werden gehonoreerd voor hun bijdrage.
Gelijktijdig brachten Emmanuel Lambardos en Emmanuel Bounialis, als afgevaardigden van de Kretenzische school het era van de Renaissance tot uiting in hun schilderwerken.
|
De belegering van Rethymnon
In 1645 landen Turkse troepen in Chania en de stad wordt ingenomen. Na 2 maanden wordt de stad overgegeven en begint de grote 17de eeuwse Venetiaans-Turkse oorlog. Op 29 september 1646 arriveren de troepen van Hussein Pasha aan de versterkte muren van de stad Rethymnon. Deze wallen waren al verzwakt door de vroegere invallen van de Turken, die zich eerder gevestigd hadden in de regio van Chania. De stadbewoners verzamelen zich in het fort waar de situatie dramatische afmetingen aanneemt tengevolge van de pest, de gewonden, het tekort aan voedsel en vooral de afwezigheid van munitie. De Gouverneur beseft al snel dat de stad niet langer kan verdedigd worden , hij hijst de witte vlag en probeert voor de overgave van de stad Rethymnon te bemiddelen door gunstige voorwaarden af te dwingen : diegenen die wensen kunnen naar Chandakas overgeplaatst worden, en diegenen die wensen te blijven zullen moeten gehoorzamen aan het bewind van de Sultan. |
Van de Turkse bezetter tot de onafhankelijkheid.
De Turkse bezettingsperiode (1669-1898) wordt aanzien als een van de donkerste periodes uit de Kretenzische geschiedenis en heeft heel wat veranderingen teweeggebracht in de stad Rethymnon. Kreta was oorspronkelijk onderverdeeld in 3 administratieve districten, Chandrakas, Rethymnon en Chania, een vierde district Lassithi werd later gevormd. Enerzijds betaalden de Kretenzers hoge belastingen en anderzijds wijzigde de aanblik en het karakter van Rethymnon stad radicaal. Vele kerken werden verwoest en andere werden omgebouwd tot moskees. Er werden tevens nieuwe moskees en minaretten gebouwd. Doordat de Turken de woningen en herenhuizen van de stad innamen veranderde de architectuurstijl aanzienlijk. Vooral de houten balkons die verschenen aan de façades van de huizen beïnvloedden sterk het straatbeeld in de Venetiaanse steegjes van de stad, de resten hiervan zijn ook vandaag nog duidelijk te zien. Deze periode van Moslim dominantie heeft duidelijke represailles voor de Christenen en het is dan ook niet verwonderlijk dat het intellectuele leven op Kreta instort: de Kretenzische Renaissance bloeit dood.
Rethymnon blijft een broeinest van verzet doordat de plunderingen en de afslachting van Kretenzers blijven duren en de bewoners in opstand komen tegen zijn onderdrukkers. In 1821 begint de Griekse onafhankelijkheidsoorlog maar niettegenstaande het felle en langdurige vechten, slagen de Kretenzers er niet in om hun vrijheid te herwinnen. Integendeel, het eiland wordt overgedragen aan de Egyptische Pasha Mehmet Ali (1830-41). Sommige rechten van bezitseigendom en vrijheid van geloofsovertuiging werden hersteld maar het verlangen naar vrijheid door de Kretenzers blijft bestaan en daardoor wordt hun strijd verder gezet. De grote Kretenzische Revolutie (1866-9) slaagt er niet in om zijn bezetters te verdrijven maar
verkrijgt veel sympathie voor de lokale bevolking vooral vanuit de internationale gemeenschap. Het meest betreurenswaardige feit uit deze periode was ongetwijfeld de belegering van het klooster van Arkadi , 18km ten zuidoosten van Rethymnon, die resulteerde in de dood van honderden Kretenzers . Ipv zich over te geven aan de Turkse bezetters sloten de inwoners zich op in de munitiekamer en bliezen zichzelf op.
Deze opstand in 1878 verzekert verdere religieuze en politieke vrijheden waarvan de belangrijkste het feit dat de zetel voor de algemene Gouverneur van Kreta opengesteld wordt voor de Kretenzers. Echter, de periode 1890-95 wordt aanzien als een periode van onmetelijke hartvochtigheid ten aanzien van de Kretenzers. Dit leidt het volk naar de opstand van 1897 met als gevolg dat een beperkte onafhankelijkheid verkregen wordt en een einde komt aan de Turkse bezettingsperiode.
|
Onafhankelijkheid – Vereniging met Griekenland - Moderne Tijden
De Turkse bezetters verlaten Kreta in 1897; het eiland wordt tijdelijk bezet door de grote machten, Groot-Brittannië, Frankrijk, Rusland en Italië. In 1898 arriveren Russische troepen en op 09 december landt Prins George in Chania en neemt de plaats in van de hoogste Gouverneur van Kreta. Voorbereidingen worden getroffen om Kreta als zelfstandige staat met eigen regering en constitutie te laten fungeren. Deze onafhankelijkheidperiode was zeer vruchtbaar voor de stad Rethymnon. Er was een uitgebreide ontwikkeling van de infrastructuur van de stad vergezeld door de bouw van talrijke luxueuze openbare en privé gebouwen evenals theaters en cinema’s. Uiteindelijk op 1 december 1913 wordt de vereniging met Griekenland een feit. De Kretenzers hadden lang uitgekeken naar deze eenmaking, toch was het oorspronkelijke resultaat niet bijzonder positief. Er kwam een schijnbare ommekeer in de creatieve ontwikkeling van Rethymnon en Kreta in zijn geheel. Er komt geen verbetering in deze situatie tot in 1924, na de oorlog van Klein Azië. Volgens het Verdrag van Lausanne vindt er een uitwisseling van volkeren plaats, 30.000 Turken die op Kreta leefden worden uitgewezen naar Turkije terwijl een gelijkaardig aantal Grieken die in Klein Azië leefden teruggezonden worden naar Griekenland.
Deze culturele stimulatie en creatieve inbreng van de nieuwe inwoners brengt een economische en intellectuele ontwikkeling teweeg, speciaal in Rethymnon.
Tijdens de periode 1941-44 breekt wederom een periode van onderdrukking en lijden aan voor de Kretenzers. Rethymnon wordt gebombardeerd door de Duitsers in mei 1941: na de strijd om Kreta vestigen zij zich in de stad en beslissen over het reilen en zeilen van het dagdagelijkse leven . Tijdens deze tragische periode wordt Rethymnon een haard van verzet .Talrijke burgers en geestelijken lopen gevaarlijke risico’s door geallieerde troepen die de strijd overleeft hadden onder te brengen en te helpen omdat ze vreesden gevangen genomen te worden. Een verzetsbeweging komt op gang en onderneemt wrede represaille maatregelen waarbij in sommige gevallen een ganse mannelijke bevolking van een dorp wordt uitgemoord en alle woningen met de grond gelijk gemaakt worden. Vanaf de tweede wereldoorlog tot in de jaren zestig blijft Kreta in een staat van armoede en crisis. De aanleg van elektriciteit brengt het eerste sprenkeltje hoop voor het eiland en met de komst van de eerste naoorlogse toeristen in de late jaren vijftig is deze industrie sindsdien in blijvende evolutie op het eiland.
De waarde van de stad op economisch en intellectueel gebied neemt toe. Het is een commercieel en agrarisch centrum met belangrijke inkomsten van de olijvenoogst, de wijnproductie, sinaasappels en avocado’s. In 1973 wordt de universiteit van Kreta opgericht met campussen in Rethymnon, Chania en Heraklion. In Rethymnon werd een nieuwe universiteitscampus gebouwd in 1998 in het dorp Gallou op 3km ten zuidwesten van de stad. In de nieuwe campus bevinden zich de faculteiten van letterkunde, sociale wetenschappen en onderwijs.
|
|
|